Yogyakarta, maandag 9 oktober

Vandaag rond 8 uur opgestaan, lekker gedoucht en ontbeten. We kregen toast met jam, een hard gekookt eitje, sapje, thee en een banaantje.
Na het ontbijt nog even zitten internetten en het 2e mailtje naar het thuisfront gestuurd. Daarna zij we naar het Kraton (Sultans Palace) gelopen. De gids die ons rondleidde kon veel vertellen en was erg vriendelijk. De huidige sultan die in het Kraton woont heeft “slechts” 1 vrouw en 5 kinderen, terwijl er sultans voor hem waren die wel 28 of 42 vrouwen hadden. Helaas is het grootste gedeelte van het Kraton afgesloten voor publiek omdat daar de sultan zelf woont met zijn gevolg. Onze gids geeft zelf les in “gamelan” en heeft ons dan ook uitgenodigd om bij hem thuis op een avond de lessen te komen beluisteren. Dat doen we op de terugweg. Verder regelde hij een “becak” (fiets met zitplaatsen) voor Rp. 1.000 naar het Government Arts Centre, waar we goede, echte batik kunnen kopen tegen normale prijzen. Hij waarschuwde ons voor de batik die op Jalan Malioboro wordt aangeboden omdat die nep is en als je het een keer wast, de kleuren al vervagen. We pasten er net niet in; twee stevige Hollandse meiden zijn gewoon te breed voor die becaks, dus we moesten maar een beetje schuin zitten. Het was wel zielig, want hij moest toch bijna 150 kg. omhoog tegen een heuvel opfietsen, wat niet even lekker ging, dus toen moest ie afstappen en duwen. Maar we kwamen er wel. Alle twee hele mooie batiks gekocht. Lies twee kleinere en ik één hele grote. We wilden weer terug naar het Kraton, maar de becaks vroegen nu ineens voor hetzelfde stuk Rp. 5.000. No way dus, dan maar lopen. Toch vonden we even later een becak die ons voor Rp. 2.000 wilde brengen. Het was een oud mannetje met allemaal rotte tanden in zijn mond. Vanaf het Kraton zijn we de Jalan Malioboro opgelopen; de toeristenstraat waar allerlei winkeltjes en kraampjes staan met souvenirs. We zijn eerst nog de Pasar Beringharjo ingelopen, een grote overdekte markt, waar we gegeten hebben in een semi-self service restaurant (eten zelf bestellen bij de corner, bonnetje krijgen, afrekenen en het eten wordt dan aan je tafeltje gebracht. Op de markt hebben we sarongs gekocht. Allebei twee stuks voor in totaal Rp. 58.000 (bijna  20,-). Even later nog een sarong voor mij gekocht met dolfijnen. Nog langs de souvenirstalletjes gelopen op de Jalan Malioboro en daarna door naar de Pasar Ngasem (Vogeltjesmarkt). We werden vrijwel meteen aangesproken door een man die ons rondleidde. We vonden de vogeltjesmarkt eigenlijk helemaal niet leuk. Er zaten een hele hoop vogeltjes bij elkaar in te kleine kooitjes, aapjes (echt zielig), eekhoorntjes, vleermuizen (echt veel te kleine kooi), een uil en arend of adelaar, die vastzaten met hun poot, maar wel weg wilden vliegen, slangen, muizen, hagedissen, sprinkhanen, kakkerlakken, konijnen (om op te eten, sorry Hummel) en ga maar door. De meeste dieren zagen er niet zo goed uit.
Via de vogeltjesmarkt kwamen we uit bij de Taman Sari (Waterkasteel) met zijn ondergrondse moskee. Onze gids heeft hier verscheidene moslimliederen ten gehore gebracht en de akoestiek is hier echt geweldig. Hoewel het waterkasteel eigenlijk gesloten was, heeft hij ons via de muren die door de kampung lopen, alles van bovenaf laten zien. Doordat de zon al een beetje onderging, kreeg je echt een schitterend panorama. Het verhaal gaat dat de sultan vroeger vanuit zijn torentje het zwembad inkeek en de vrouw voor die nacht uitkoos.
Door de kampung gewandeld en uitgekomen bij het huis van de burgemeester van de kampung. Dit is een man die samen met zijn vrouw een aantal jaren in Nederland heeft gestudeerd (ze hebben elkaar in Leiden leren kennen). Meneer Soedarmadji nodigde ons dan ook uit om een kop thee te komen drinken, zodat ze weer wat Nederlands konden praten. Ze vertelden honderduit over hun tijd in Nederland, de Indonesische economische crisis, de gulle giften van Nederland en België (20 lantaarns voor de kampung en een aantal bedden voor het ziekenhuis) en natuurlijk de batik die mevrouw nog steeds zelf maakt.
We moesten er echter toch echt vandoor, want het was inmiddels bijna helemaal donker. Aangezien we onze gids wel een fooi wilden geven, hadden we alleen nog maar Rp. 1.000 voor de becak en die wilde het niet voor zo weinig doen. Dit betekende dus dat we moesten lopen!!! We wisten een klein beetje de richting, maar onderweg nog maar even aan een meisje gevraagd. Via het woordenboek in de Lonely Planet en wat Engels wees ze ons de weg. Onderweg werd ik nog in mijn borst geknepen door een jongen die achterop bij iemand op de brommer zat. Toen we in ons “eigen” straatje kwamen, waren we dan ook erg opgelucht, want in vreemde wijken rondlopen in het donker is toch niet alles. Lekker douchen na zo’n vermoeiende en warme dag en gegeten bij Little Amsterdam. Lekker pepersteak met frietjes. Daarna nog even geïnternet en gechat met Mark en daarna naar bed, want morgen is het vroeg opstaan (5 uur weg).

lees meer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.